Marokko 19 t/m 25 oktober
We kunnen maandagmorgen voor het eerst buiten ontbijten want hier aan de Spaanse kust is het ’s nachts niet koud en het zonnetje schijnt. Vandaag gaan we oversteken naar Afrika en hebben het gevoel dat onze reis nu echt begint. We rijden naar Algeciras en drinken onderweg koffie op een parkeerterrein en kunnen daar tickets voor de boot kopen. De laatste daad van TomTom is om ons feilloos naar de veerboot te brengen die 10 minuten later vertrekt. Boven op het dek hebben we een mooi uitzicht op Gibraltar en de grote baai waar wij in 2003 met onze eigen zeilboot Gein hebben gevaren toen we op weg waren naar Griekenland. We zwaaien naar het zuidelijkste punt van Europa en een klein uurtje later zijn we in Ceuta de kleine Spaanse enclave in Afrika. Na een kwartiertje rijden komen we bij de Marokkaanse grens en 10-tallen mannen staan te wuiven om ons te helpen maar dat kunnen we zelf wel. Het is een drukte van je welste met zwaar bepakte mensen die de grens overgaan We moeten eerst getemperatuurd worden als teken dat we gezond zijn, het volgende loket is paspoort controle, daarna het loket voor de auto en tenslotte bij de douane langs waar ik met een uiterst vriendelijk gezicht zeg dat we niets hebben aan te geven want 15 liter lekkere Zuid-Afrikaanse wijn mag je toch wel mee nemen!!! Als we Marokko inrijden is het meteen heel anders dan Europa: de auto’s en taxi’s zitten bomvol, er zijn heel veel mannen op straat, bijna alle vrouwen dragen een hoofddoekje en de bewegwijzering is minimaal maar mbv onze navigatie software met oude zeer gedetailleerde Russische legerkaarten vinden we onze weg. Bij een benzinepomp tanken we diesel voor de zeer prettige prijs van 65 eurocent per liter. Via bergweggetjes rijden we door het Rif gebergte naar het plaatsje Chefchaouen en parkeren bij de oude binnenstad, de Medina.
In de smalle steegjes zijn de kleine winkeltjes en huizen prachtig wit en blauw gekalkt waardoor dit stadje zo bekend is. Op het plein bij de moskee drinken we een jus d’orange en lopen verder in deze heel andere wereld. Na wat gedwaal komen we terug bij de auto en rijden naar de camping op de berg met uitzicht over het mooie en leuke stadje.
Dinsdagmorgen worden we bij het krieken van de dag wakker want het is hier 1 uur vroeger. Joke bakt de voorgebakte broodjes in onze speciale panoven en nuttigen deze met een heerlijk gekookt eitje. Onderweg kopen we een plat “Turks” brood en nemen de oostelijke route naar Fez want de andere gaat door het gebied waar 40% van de wereld productie van hasj verbouwd wordt en volgens de Lonely Planet staat die streek bekend om de wetteloosheid. Onderweg zien we de Berber bevolking op ezels rijden, mensen wachten op de bus, mannen die langs de kant niets doen, kinderen die spelen en naar ons zwaaien, jongentjes die de macho uithangen en overvol beladen vrachtwagens met stro. Rond 4 uur zijn we bij de camping in Fez die nagenoeg verlaten is en er somber uit ziet mede omdat vandaag voor het eerst de zon niet schijnt. Joke bereidt op haar 3 pitsgasstel een lekkere internationale maaltijd met Nederlands vlees uit het diepvriesvak, Italiaanse tagliatelle en Marokkaanse groente en Zuid Afrikaanse wijn.
Woensdag 21 oktober. Het is vannacht gaan regenen en het weerbericht voorspelt regen tot in de loop van de middag maar gelukkig wordt het al tegen 11 uur droog en we rijden op de fietsjes de 10 km naar de beroemde Medina van Fez. Onderweg moeten we een aantal keer de weg vragen en dan is het heel makkelijk dat Frans Frans spreekt en de meeste Marokkanen ook Frans spreken en ons heel vriendelijk helpen. Aangekomen bij de medina eten we eerst een souvlaki met cola want een lekker glaasje wijn is in deze tentjes niet te krijgen. We lopen weer een route uit de Lonely Planet door de uiterst smalle straatjes met 1000den winkeltjes van groenteverkopers, kippenslachters, mudvolle schoenenzaakjes, leerwinkels, klerenzaken, slagers etc. Bij eentje hangt een echte afgehakte kamelenkop als “uithangbord” en daar poseer ik bij met de vraag:
wie is wie en zoek de verschillen. Op een overvol pleintje staan 100.000den aardewerk spulletjes, ergens anders zijn mannen met hamers bronzen ketels aan het maken. Bij een leerlooierij stinkt het enorm en is het een verschrikkelijke bende, 2 mannen zijn constant bezig om gevilde schapenvachten open te snijden en anderen stampen met hun blote benen de huiden in de kleurstofbaden en weer andere hangen ze te drogen.
Ondanks de wirwar van alle steegjes komen we weer bij de fietsenstalling uit en ik laat mijn smerige schoenen door een eenarmige schoenpoetser omtoveren tot glimmende exemplaren. Bij een heel groot plein zijn nog wat artiesten hun kunsten aan het vertonen daarna fietsen we weg omdat we voor het donker bij de camper willen zijn. Bij een telefoonwinkeltje kopen we een Marokkaanse simkaart want we kunnen met beide telefoons niet bellen terwijl ik wel kan smsen en mails kan ontvangen en versturen. Van zus Marijke hebben we een mailtje gekregen dat ze ons verslag van afgelopen week op de website heeft gezet en we bekijken het resultaat.’s Avonds willen we naar vrienden en bekenden een mail sturen dat de website in de lucht is, we krijgen echter telkens bericht dat het verzenden van de email niet lukt maar achteraf blijkt dat sommigen wel 5 keer deze mail hebben ontvangen.
Donderdag doen we boodschappen in een supernieuwe supermarkt waar de grootste Appie Heijn een minderwaardigheidscomplex van krijgt, er is bijna alles te koop maar we zijn uit NL vertrokken met een wagen volgeladen en hebben dus weinig nodig. We rijden via smalle weggetjes langs mooie meertjes en stijgen daarna tot een hoogvlakte die op 2000 meter ligt in dit Middel Atlas gebergte.
We komen op een hobbelige onverharde weg met flink wat diepe plassen en onze schone camper verandert in een bruine terreinwagen. Onderweg zien we veel schaapherders met kuddes die grazen op het korte gras van de uitgestrekte vlaktes die bezaaid liggen met miljoenen keien. Deze nomaden wonen in plastic tenten die eenzaam staan in de open vlakte, kleine kinderen met smerige kleren spelen in dit maanlandschap en als we langs rijden zwaaien ze enthousiast. Na 20 km hobbelen komen we op een smal kronkelpad in een cederbos en na10 km zien we weer asfalt. De zeer afwisselende tocht gaat verder langs een wild stromende rivier en het weggetje wordt smaller en smaller en de natuur mooier en mooier. Het is inmiddels 5 uur en hebben in deze streek geen camping op onze lijst staan maar willen liever hier ook niet in het wild kamperen; opeens zien we een bord camping en op een terreintje staat slechts één tent en dat is de kantine, maar we zijn blij met deze plek. De eigenaar geeft ons een glas mierzoete thee en we spoelen dit bij de camper weg met een biertje rustig genietend van de ondergaande zon. We eten en gaan vroeg naar bed, moe van de indrukken van de prachtige afwisselende tocht.
Vrijdag de 23ste is de lucht weer wolkeloos en ik loop naar “de wasruimte”, maar dat blijkt alleen maar een hutje te zijn met een hurk-WC, dat deert ons niet want we hebben een goed uitgeruste camper. Vandaag rijden we naar Marrekesh en nemen de doorgaande noord-zuid weg want we moeten 350 km afleggen. We krijgen vandaag van diverse mensen via de mail leuke reacties op onze nieuwe website. Om 4 uur zijn we bij de camping en Joke doet een wasje terwijl ik de bbq aansteek. We bellen naar zoon Peter in Malawi, we zitten nu op het zelfde continent maar het zal nog wel even duren voordat we daar zijn.
Zaterdag rommelen we wat aan en rijden na de koffie richting kust, ondanks dat de weg super rustig is wordt er een nieuwe 4 –baans weg aangelegd waardoor we snel in Essaouira aankomen, het is hier winderig en koeler dan in het binnenland. Vanaf de camping fietsen we langs het strand en zien daar kamelen waarop toeristen kunnen rijden want die zijn hier meer dan in de andere plaatsen waar we zijn geweest.
In de haven liggen 10-tallen kleine blauwe vissersbootjes en ook een paar zeilboten waaronder eentje uit Nederland. Essaouira is een mooie oude vestingstad met veel smalle straatjes en het staat terecht op de Unescolijst. Op een binnenpleintje zien we een leuk terrasje, we kunnen kiezen uit 80 soorten thee en 20 soorten vruchtensappen maar heerlijk gerstenat hebben ze niet en dus nemen we maar een vruchtendrankje, op andere terrasjes hebben we hier ook al geen goud blonde rakkers gezien. We gaan om 6 uur naar een restaurant uit de Lonely Planet maar deze gaat pas om half 8 open, we komen zowaar langs een pub en daar drinken we wat en lopen terug naar het restaurant die nog steeds dicht is, we bellen aan en de man die opendoet zegt dat het half zeven is, we hebben deze week de verkeerde tijd aangehouden. Om het uur te vullen lopen we naar de haven en zien hoe een bootje vol met vis gelost wordt. Eindelijk kunnen we gaan eten en de Franse keuken smaakt redelijk goed, onder het eten praten we over het verschil van deze camperreis en onze bootreis naar Griekenland, het grootste verschil is dat je met de boot zo zeer afhankelijk van het weer bent nl van de windkracht, de windrichting en de kans op mist of onweer. Onze conclusie is dat het beide heel leuk is om te doen en dat deze Afrika-reis ons zeer goed bevalt.
Zondagmorgen doen we nog een loopje op de witgepleisterde vestingmuren van Essaouira met uitzicht op de rotsige kust, we kopen ansichtkaarten voor de kleinkinderen en onze ouders en kunnen zowaar een Volkskrant kopen. Via een prachtige bergweg rijden we 175 km naar Agadir dat gelegen is aan een prachtige baai. De camping is weer een ongezellig terrein met alleen maar grind, wat bomen voor de schaduw en een leeg zwembad en voor het eerst op deze reis zijn de toiletten onverzorgd en vies, er staan zoals gebruikelijk heel veel Fransen, een paar Engelsen en Duitsers, een verdwaalde Belg en geen Nederlanders. In de stad doen de strakke moderne gebouwen killetjes aan, in 1960 is Agadir getroffen door een zware aardbeving en er zijn 18.000 mensen omgekomen. De stad is de laatste decennia opnieuw gebouwd en door het mooie brede strand en doordat de zon hier 300 dagen per jaar schijnt is het nu de grootste badplaats van Marokko. We fietsen naar de kasbah, een fort dat boven op de berg ligt, tijdens deze steile klim van 5 kilometer verliezen we heel wat zweetdruppeltjes. Op de steen boven de poort van de kasbah staat een Nederlandse tekst uit 1760 omdat toen de Nederlanders hier met schepen oa zout vervoerde dat uit Timboectoe kwam. We hebben een mooi uitzicht over de stad en de haven waar wel 150 grote vissersboten liggen. Na 10 minuten dalen komen we in de supermoderne nieuwe jachthaven met allerlei boetiekjes van de meest exclusieve kledingmerken, de brede boulevard doet uiterts westers aan maar door de vele hoofddoekjes weet je dat je in een islamitisch land bent.
We hebben afgelopen week ca 1400 km gereden en aankomende week gaan we via het Atlas gebergte in een boog terug naar Marrekesh want daar begint een georganiseerde woestijntoer met 4 andere auto’s.




