Zambia (23 t/m 30 september 2010)
Vrijdagmorgen doen we nog boodschappen in Lilongwe en ik probeer Zambiaans geld te krijgen maar dat lukt niet. Onderweg naar de grens worden we bij weer een controlepost aangehouden, dit keer voor de verzekeringspapieren. De agent die ons verzekeringsdocument bestudeert begint een verhaal af te steken dat wij weliswaar verzekerd zijn maar dat een slachtoffer van een ongeluk niet weet waar hij zich moet melden. Hij wil me een boete geven en dat zou de 2de zijn in 2 dagen want gisteren hebben we een boete gehad voor te hard rijden. Gelukkig kan ik na wat zoeken de naam van de verzekeringsagent in Malawi tonen en we mogen doorrijden. Onderweg passeren we dorpjes die lijken op die zoals beschreven in het boek “Binnen is het donker”.
Bij de grens ga ik met Albert alle formaliteiten af en dat verloopt allemaal soepel want er is in zuidelijk Afrika geen corruptie bij de grensovergangen, dat was in West Afrika wel anders. Eerst laten we bij de immigratie de paspoorten stempelen, dan het document van de auto uitvoer regelen. Daarna bij de Zambiaanse grens een visum kopen, een auto invoerdocument laten opmaken, een speciale auto belasting betalen en een autoverzekering kopen. Het visum moet je met US $ betalen maar de rest met Zambiaanse kwatchas maar die hebben we niet. We worden zoals gebruikelijk weer belaagd door geldwisselaars die een belachelijk lage koers aanbieden nl 5000 kwachas voor 1 euro terwijl de koers op internet 6500 is. Na wat gesoebat wil iemand toch 100 euro wisselen tegen een koers van 6500, maar als ik de kwatchas natel heeft die gozer maar 65.000 ipv 650.000 gegeven en probeert me dus op te lichten, ik heb mijn 100 euro nog en zeg dat ik geen zaken doe met oplichters. Er is gelukkig verderop een klein bankje en daar kan ik tegen een redelijke koers wisselen en hebben we in ieder geval Zambiaans geld voor de grensdocumenten en voor benzine want die is bijna op. Als alles is geregeld rijden we naar een rustige camping/lodge en gaan ’s avonds lekker bbq-en.
Zaterdag gaan we eerst op jacht naar Zambiaans geld voor de aankomende week. Ik kan wat geld uit de muur halen en wil bij een wisselkantoor nog 600 euro wisselen, maar ze geven daar echter 10% minder dan de internet koers. Er lopen weer wisselaars rond en met eentje kom ik een reële koers overeen van 6500. Uit voorzichtigheid wil ik eerst 2 briefjes van 50 euro wisselen, als ik de 650.000 kwatchas natel zegt zijn maat dat ik teveel heb gekregen; ik tel opnieuw en wordt telkens afgeleid door andere wisselaars die ik zeg weg te gaan, maar ze komen telkens terug. Het blijkt inderdaad dat ik 1 biljet te veel heb gekregen, ik geef vast mijn 100 euro en wil een biljet terug geven maar dan zegt weer iemand dat er 2 biljetten te veel waren. Dat klopt absoluut niet en ik vertrouw het niet meer en ik zeg dat ik niet meer wil wisselen. Als ik mijn euro’s terug heb geef ik al de kwatchas terug. Dan zie ik dat ik bedonderd ben want aan de buitenkant is een biljet van 50 euro maar binnenin zit een waardeloos biljet. De oplichters houden vol dat ze mij hetzelfde geld hebben terug gegeven en ik ben duidelijk slachtoffer van een wisseltruck van een bende.
Balend dat ik er ingelopen ben gaan we op pad naar het wildpark South Luangwa dat 125 km verder ligt in the middle of no where. Op de zeer slechte weg is het bijna 4 uur trillend rijden over een wasbord en daar worden we niet vrolijk van temeer daar op het laatste stuk de ophangbussen van de schokbreker van de auto van Albert kapot gaat. Net voor het park zien we een kleine sloperij en daar kunnen we voor 1 euro een paar gebruikte bussen kopen. Op de camping blijkt dat met wat zaagwerk door Albert de bussen pasklaar te maken zijn en het probleem is gelukkig opgelost.
De Croc Valley camping waar we op staan is prachtig gelegen aan de Luangwa rivier, rond het park en de camping staan geen hekken en de dieren kunnen gaan en staan waar ze willen. Hier zijn ook de ouders van Elise die vertellen dat bij de grens hun fotocamera is gestolen; wij lenen hen onze compact camera zodat ze toch foto’s kunnen maken op hun verdere reis.
Als we ’s avonds bij ons kampvuur eten wordt de achtergrond muziek verzorgd door krekels, knorrende nijlpaarden en af en toe een brullende leeuw.
Zondag gaat om 5 uur de wekker want we gaan een gamedrive doen. Van heel dichtbij zien we hoe een giraffe zijn ontbijt nuttigt van een worstenboom en hoe zebra’s en impala’s genieten van hun ontbijt van mals gras. Overdag doen we rustig aan met af en toe een verkoelende duik in een klein zwembad. Ik wil mijn verslag doormailen bij de naast gelegen lodge en rij de camping af maar er staan na 50 meter olifanten op de weg. Ik ga terug en haal de anderen op en van dichtbij bekijken we de groep van 8 olifanten waarvan 2 baby’s op de grond liggend hun middagslaapje doen. We benaderen ze ook van een andere kant en zijn nu minder dan 10 meter bij hen vandaan. Als de grootste fant een stapje naar voren doet ga ik meteen achteruit en rij van schrik half de bosjes in maar even verder kunnen we ze ook nog goed bekijken.
Om 4 uur gaan we op leeuwenjacht, een parkwachter heeft op de kaart aangewezen waar vanmorgen een groep leeuwen een buffel heeft gedood en nu van hun maaltijd liggen uit te buiken. Als we er heen rijden zien we veel olifanten en ander wild maar we kunnen helaas niet bij de leeuwen komen omdat het spoor door een droog gevallen rivier gaat dat veel te zanderig is voor de RAV.
’s Avonds kookt Albert en we eten gezamenlijk met de ouders van Elise aan de waterkant terwijl een paar nijlpaarden op een eiland lopen en 4 olifanten de rivier oversteken en op de walkant van de camping omhoog klimmen en daarna door de bewaker worden weggejaagd.
Maandag 27 september is het de hele dag dierendag. Vannacht zijn Albert en Hannie wakker geworden door een smakkend nijlpaard die tussen hun tentje en de camper stond te grazen. Vanuit hun kleine koepel tentje zagen ze op 4 meter afstand het lompe beest van 2000 kg recht in zijn reet. Toen meneer iets verder stond zijn ze uit hun tentje geslopen en hebben de bewaker gewaarschuwd die het beest wegjoeg. We doen ’s morgens een loopsafari waarbij de gids allerlei interessante dingen vertelt over de dieren, hun eetgewoontes en over olifanten poep. We zien van redelijk dichtbij giraffes, nijlpaarden en voor een groep olifanten moeten we een omweg maken. ’s Middags komt een grote giraffe de camping op lopen en gaat van een boom eten, door de campinggasten wordt er flink wat gefotografeerd. Aan het eind van de dag doen we een nachtsafari met een gids want we hebben nog geen leeuwen gezien. Gezeten op een safariauto worden we prins Bernhard heerlijk rond gereden en zien inderdaad leeuwen. De imposante mannetjes leeuw laat voor onze ogen zien dat de koning der dieren heel snel kan wippen want binnen een minuut is het klusje geklaard en gaat verveeld weer liggen, dat kan ook anders.

Als het donker wordt zien we nauwelijks meer wild ondanks dat vanuit de safariauto met felle lampen wordt rond geschenen maar uiteindelijk wordt toch nog een hyena in de spotlight gevangen. We gaan vroeg naar bed en Albert en Hannie hebben weer een spannende nacht, niet met z´n 2en maar samen met een olifant die op de camping vlak langs hun tent loopt en daarna bij de camper stopt. Met zijn slurf snuffelt hij bij het raampje van de alkoof waar wij liggen te slapen en volgens Albert loopt hij daarna met vies gezicht verder. Ivm de hitte staat de ventilator aan en wij merken niets van dit bezoek.
Dinsdagmorgen nemen we afscheid van Albert en Hannie, zij rijden vandaag terug naar Malawi en vliegen donderdag naar Nederland. We hebben het samen heel gezellig gehad en veel gedaan voor hen was deze eerste Afrika reis zeer indrukwekkend en soms ook heel spannend. Wij nemen vandaag binnendoor weggetjes waardoor we bijna 150 km kunnen afsnijden. In de Lonely Planet staat dat deze route nauwelijks wordt gebruikt maar wij hebben een gps track. Na een uurtje rijden komen we bij een brug die door de overvloedige regens van 2008 is weggespoeld en we kunnen absoluut niet verder. Een stukje terug hebben we een zijpad gezien en het blijkt dat dit een omleiding is. Bij dorpjes zien we dat staaldraden zijn gespannen tegen de olifanten en dit is absoluut nodig want even verder zien we 10 olifanten lopen. Na 3 uur rijden zijn we ca 60 km gevorderd van de totaal 180 km en dat valt niet tegen en denken voor het donker bij het stadje Petauke te zijn. De bewoners van de kleine dorpjes zien er zeer armoedig en sommige ondervoed uit en bijna alle kinderen vragen om geld of snoep. Het is een afwisselende route met af en toe zeer steile gedeeltes als we droogstaande riviertjes moeten oversteken. Opeens kunnen we niet verder want een olifant heeft een boom omver getrokken en deze ligt dwars over het pad. Ik ga de boom een half uurtje te lijf met een zaag en bijl en dan trekken we mbv een sleepkabel aan de LandCruiser de boom gedeeltelijk weg en na nog wat gezaag en veel gezweet kunnen we er langs. De laatste 60 km is een goede zandweg en om 3 uur zijn we al bij een nieuwe lodge/camping in Petauke.
Woensdagmorgen spreken we een Nederlandse vrouw die hier voor de PUM de lodge adviseert net zoals ik onlangs bij een bedrijf in Equador heb gedaan. Er zijn toevallig nog 2 andere Nederlanders die in deze omgeving schooltjes en een ziekenhuis controleren die zij met hun hulporganisatie financieel steunen. Wij hebben gisterenavond onze reisplannen gewijzigd want de motor van de koelkast is gisteren kapot gegaan en niet meer te repareren. Een koelkast heb je hier absoluut nodig voor groente en vlees en ook wel een beetje om wat bier koud te maken. We rijden vandaag 400 km naar de hoofdstad Lusaka om daar een nieuwe koelkast te kopen. Onderweg moeten we stoppen bij een controlepost op tcheetchee vliegen. De controleur is net als meester Prikkebeen gewapend met een vliegennetje en kijkt onder de zonnekleppen of er vliegen zitten. Hij wil ook binnen in de camper kijken en is zeer verbaasd over ons rijdende huis. Als hij het gasstel ziet schatert hij het uit van verbazing en als ik de wc laat zien gaat hij helemaal uit zijn dak. Hij roept al bulderend van het lachen naar zijn vrienden wat hij allemaal heeft gezien en wil graag op de foto. Als we weg rijden staat hij nog met een brede smile.
Begin van de middag komen we aan bij de Pioneer camping. Daar hebben ze zowaar een elektrisch hek met afstandsbediening, als we er door rijden gaat het hek halverwege in eens weer dicht en beschadigt de afvoer van de kachel en er zit een scheur in de polyester beplating. Daar balen we flink van want 2 weken terug hadden we ook al buiten onze schuld een scheur in het dak toen we bij een poort naar binnen reden en de bewaker aangaf dat we er wel onderdoor konden. Soms zit het mee nee soms zit het flink tegen. Op deze goed verzorgde en redelijk drukke camping kunnen we gratis internetten en dat hoef je maar 1 keer tegen ons te zeggen. We lezen onze mails en bekijken het laatste kranten nieuws over die rare kabinetsformatie.
Donderdag gaan we op koelkastjacht en rijden daarvoor uiteindelijk 75 km maar de gewenste prooi is in heel Lusaka niet verkrijgbaar en nemen uiteindelijk een tijdelijke oplossing nl een koelbox. We slagen er wel in om onze camping gasfles te vullen. Lusaka is een schone en zeer verzorgde stad met brede wegen en de bomen staan te pronken met paarse en rode bloesem.
Zambia is één van de minst bevolkte landen van Afrika, het is bijna 20 keer groter dan Nederland en er wonen maar 10 miljoen mensen. Het inkomen is laag maar toch wel ruim 1,5 maal hoger dan in Malawi. De meeste inkomsten komen uit de kopermijnen en toerisme. Aids is in Zambia een groot probleem en dat blijkt uit de zeer lage levensverwachting van slecht 37 jaar!! ’s Middags richten we de camper zodanig in dat de kapotte koelkast een opbergkast wordt en de nieuwe koelbox onder de tafel voor koude hapjes en drankjes moet gaan zorgen. Naast de camping wordt een christelijke conferentie gehouden en 3 maal per dag horen we urenlange preken die extreem fanatiek overkomen. ’s Avonds eten we in het restaurant een lekkere T-bone steak die weggespoeld wordt met een overheerlijke Merlot.





